Optocoupler-schema met isolatiebarrière, LED-ingang en detector, een lichtsignaal over de barrière, een CTR-band van minimum tot typisch en een waarschuwing die testisolatiespanning onderscheidt van continue werkspanning.

Een optocoupler brengt informatie over met licht en houdt de twee elektrische zijden gescheiden. Dat betekent niet dat elk type hetzelfde signaal, dezelfde snelheid of dezelfde veiligheidsfunctie aankan. De fototransistor, logic-output en gate-driveroptocoupler zijn verschillende componenten.

Controleer deze acht punten

  1. Functie: eenvoudige digitale status, analoge overdracht, snelle data of gate drive?
  2. Ingang: bepaal LED-stroom, voorwaartse spanning, tolerantie en dissipatie.
  3. Uitgangstype: fototransistor, Darlington, logic gate, triac-output of driver gedragen zich anders.
  4. CTR: controleer minimumwaarde bij stroom, temperatuur, ouderdom en gewenste collectorstroom.
  5. Snelheid: beoordeel propagatietijd, rise/fall time, verzadiging en schakelfrequentie.
  6. Isolatie: onderscheid test-isolatiespanning, continue working voltage en isolatieklasse.
  7. Afstanden en package: creepage, clearance, pinout en PCB-layout horen bij het veiligheidspad.
  8. Omgeving: temperatuur, common-mode transiënten en levensduur kunnen de marge veranderen.

Een hoge typische CTR is geen gegarandeerde minimumoverdracht. Ontwerp op de minimum- en maximumwaarden onder de relevante omstandigheden en voorkom onnodige transistorverzadiging bij snelle schakelingen.

Een isolatiespanning uit een datasheet is geen toestemming voor netspanningsgebruik. Laat een veiligheidskritisch ontwerp door een deskundige toetsen.

Bekijk optocouplers en controleer het exacte datasheet, de isolatiecategorie en toepasselijke veiligheidsvoorwaarden.